191 keer bekeken

Monica West

  • zaterdag 27 mei 2017 @ 21:06
    #7

    Gewijzigd op 2017-05-28 20:40:57
  • zaterdag 27 mei 2017 @ 20:57
    #6

    Gewijzigd op 2017-05-28 20:42:24
  • zaterdag 27 mei 2017 @ 20:50
    #4


    Kinderen spreken altijd de waarheid

    Kinderen spreken altijd de waarheid
    Op het moment dat je denkt o nee niet nu
    Dan zeggen kinderen de keiharde waarheid
    Ook al is het nog zo kwetsend en zo cru

    Mijn buurvrouw van benenden was ook oud en slecht ter been
    Meestal was ze zuur maar daar keek ik toch door heen
    Want ondanks alle kwalen die haar hinderden
    Gaf ze altijd snoepjes aan de kinderen
    En af een toe een liefkozing, een kneepje in de wang
    Zei toch die dondersteen van mij, pappa noemt je ouwe tang

    Kinderen spreken altijd de waarheid
    Op het moment dat je denkt o nee niet nu
    Dan zeggen kinderen de keiharde waarheid
    Ook al is het nog zo kwetsend en zo cru

    De leraar van mijn jongste was bepaald geen knappe vent
    Maar o zo goed met kinderen daar stond hij om bekend
    Hij had mijn pure liefde en vertrouwen
    Maar geen schijn van kans bij de vrouwen
    Hoorde ik mijn dochter zeggen, Meester, o dat drommels wicht
    Mamma zegt u bent mooi van binnen maar van buiten geen gezicht

    Kinderen spreken altijd de waarheid
    Op het moment dat je denkt o nee niet nu
    Dan zeggen kinderen de keiharde waarheid
    Ook al is het nog zo kwetsend en zo cru

    En je kunt ze ook niet straffen want het is je eigen schuld
    Je probeert het glad te strijken maar het blijft een dikke bult

    Kinderen spreken altijd de waarheid
    Op het moment dat je denkt o nee niet nu
    Dan zeggen kinderen de keiharde waarheid
    Ook al is het nog zo kwetsend en zo cru

    En jij staat mooi voor aap al heb je nog zo een hoog IQ

    Gewijzigd op 2017-05-29 20:44:22
  • donderdag 25 mei 2017 @ 12:16
    #3


    Monica West - Nooit meer

    Op de rand van zijn bed gezeten
    In haar hand een speelgoedgeweer
    Keek zij rond en zag de dingen
    Waarvan hij hield en wist 'nooit meer'
    Nooit meer zijn bed verschonen
    Of zeggen 'ruim je kamer op'
    'Een held voor zijn land gestorven'
    Zo luidde de krantenkop

    Met een salvo uit acht geweren
    Bewees men hem de laatste eer
    Maar voor haar gaven die acht schoten
    De wreedheid van de oorlog weer
    En ook wij als treurende vrouwen
    Om het verlies van hun man of kind
    Want men heeft altijd verloren
    Ook als men de oorlog wint

    In haar oren de echo van acht schoten
    In haar ogen onmacht, verdriet
    Geen toekomst om voor te leven
    Slechts bloemen op een stuk graniet
    Na twintig jaren van zorg en liefde
    En behoeder voor leed en pijn
    Haar moedertaak ontnomen
    Ook zal zij nimmer oma zijn

    Want met een salvo uit acht geweren
    Bewees men hem de laatste eer
    Maar voor haar gaven die acht schoten
    De wreedheid van de oorlog weer
    En ook wij als treurende vrouwen
    Om het verlies van hun man of kind
    Want men heeft altijd verloren
    Ook als men de oorlog wint

    Met een salvo uit acht geweren
    Bewees men hem de laatste eer
    Maar wat had zij aan die acht schoten
    Ze brachten nooit haar jongen weer
    Zij bleef achter zoals vele vrouwen
    Zonder man of zonder kind
    Met de vrede allang gesloten
    Maar met een hart dat nooit vrede vindt

    Met een salvo uit acht geweren
    Bewees men hem de laatste eer
    Maar wat had zij aan die acht schoten
    Ze brachten nooit haar jongen weer
    Zij bleef achter zoals vele vrouwen
    Zonder man of zonder kind
    Met de vrede allang gesloten
    Maar met een hart dat nooit vrede vindt

    De vrede allang gesloten
    Maar een hart dat nooit vrede vindt

    Gewijzigd op 2017-05-25 23:35:32
  • donderdag 25 mei 2017 @ 12:14
    #2



    Monica West - Ons Huis

    O, ik hoop dat de zon morgen schijnt
    Dan is er toch nog iets dat nimmer verdwijnt
    Ik weet wel, het leven gaat door
    Al denk ik steeds vaker, waar leef ik nog voor

    Meer dan vijftig jaar bij elkaar in dit huis, in ons huis
    O, het afscheid valt me zo zwaar van dit huis, van ons huis Voorgoed

    Ze was in de tachtig, eenzaam en oud
    Zij moest haar huis uit, maar wou voor geen goud
    Ik probeerde uit te leggen dat het echt niet meer kon
    Maar zag toen de tranen en ik wist wel waarom
    Ze zei:

    O, ik hoop dat de zon morgen schijnt
    Dan is er toch nog iets dat nimmer verdwijnt
    Ik weet wel, het leven gaat door
    Al denk ik steeds vaker, waar leef ik nog voor

    Meer dan vijftig jaar bij elkaar in dit huis, in ons huis
    O, het afscheid valt me zo zwaar van dit huis, van ons huis Voorgoed

    Ze zei: hier kreeg ik mijn kinderen, Bert en Marjan
    Hier stierven mijn ouders en pas nog mijn man
    O, ik hou van dit huis, het is een fijn plekje grond
    En achterin de tuin ligt begraven mijn hond

    O, ik hoop dat de zon morgen schijnt
    Dan is er toch nog iets dat nimmer verdwijnt
    Ik weet wel, het leven gaat door
    Al denk ik steeds vaker, waar leef ik nog voor

    Meer dan vijftig jaar bij elkaar in dit huis, in ons huis
    O, het afscheid valt me zo zwaar van dit huis, van ons huis
    Voorgoed

    In het huis voor bejaarden was een plek voor haar vrij
    Haar kinderen enthousiast, maar zij keek niet blij
    Jarenlang was ik haar steun en toeverlaat
    Ze keek me hulpeloos aan, toen kreeg ik het te kwaad
    Ze zei:

    O, ik hoop dat de zon morgen schijnt
    Dan is er toch nog iets dat nimmer verdwijnt
    Ik weet wel, het leven gaat door
    Al denk ik steeds vaker, waar leef ik nog voor

    Meer dan vijftig jaar bij elkaar in dit huis, in ons huis
    O, het afscheid valt me zo zwaar van dit huis, van ons huis
    Voorgoed

    De volgende morgen schijnt de zon, in 't felle licht
    Zie ik al van verre de gordijnen nog dicht
    Toch raak ik niet in paniek, want het is goed
    Al weet ik dat ze nooit meer de deur open doet

    En ik zie dat de zon nog steeds schijnt
    Dus is er toch nog iets dat nimmer verdwijnt
    Ik weet wel, het leven gaat door
    Al denk ik steeds vaker, waar leven we voor

    Nooit zijn wij hier meer bij elkaar in dit huis, in haar huis
    O, het afscheid valt me zo zwaar van dit huis en van haar.
    Voorgoed
    Voorgoed

    Gewijzigd op 2019-12-14 22:29:49
  • donderdag 25 mei 2017 @ 12:08
    #1


    Het laatste blad

    Het was herfst en steeds kaler werd de boom voor ons raam
    Mn kleine Marie zag ziek in haar bed de bladeren gaan
    En wat zij toen droomde en vertelde aan mij
    Als het laatste blad viel dan ging ook haar ziel en het hielp niets dat ik zei

    Oh, kijk uit het raam, Maria, en geloof toch niet in die droom
    Want jouw leven dat waait niet als een blad zomaar van de boom
    Een blad is zo klein, Maria, en de kracht van de wind is zo groot
    Verlies niet de moed, het komt wel weer goed, vecht tegen de dood

    Op een nacht ging het stormen, maar de volgende dag
    Klonk na weken van pijn en zwaarmoedig zijn, Maria haar lach
    Want één blad was gebleven, had de storm doorstaan
    Langzaam kwam haar herstel en al stormde het fel dat blad bleef eraan

    Oh, kijk uit het raam Maria en denk niet meer aan die droom
    Want jouw leven dat waait niet als een blad zomaar van de boom
    De lente kwam en Maria was hersteld en ging naar de tuin
    Zij wou dat laatste blad dat er nog steeds zat, maar zij was te klein
    Ook de wind kreeg geen vat op dat laatste blad, want het zat vast met lijm

    Gewijzigd op 2017-05-25 23:44:37